Opleidingsvisie en 'programma'
Met behulp van de socratische methode kan inzicht ontstaan in conceptuele problemen, maar dan wel door systematische reflectie op de eigen ervaring. De socratische methode staat dus lijnrecht tegenover de opvatting dat 'leren' een kwestie is van overdracht - een kennistransport van de wetende
naar de niet-wetende. Het is eerder andersom.
In onze opleiding tot socratisch gespreksleider werken we volgens
deze zelfde socratische didaktiek. De cursisten krijgen niet te
horen hoe het allemaal moet, hoe ze een socratisch gesprek moeten
opzetten en hoe ze eventuele problemen de baas moeten worden. Wat
we wel doen is: mensen voortdurend gelegenheid geven om te
ervaren wat een filosofisch-socratisch gesprek is, om vandaaruit
hun eigen opvatting te ontwikkelen over het eigene van de
socratische methode. Op basis van hun opvattingen en de
bijbehorende vragen werken de cursisten voortdurend aan hun eigen
wijze van gespreksbegeleiding.
Een socratisch gesprek begeleiden is geen kwestie van een
stappenplan doorlopen en de socratische methode is niet een
foefje of een techniekje. Socratisch filosoferen betekent:
zinnige filosofische vragen stellen en die vervolgens proberen te
beantwoorden. Een socratisch gesprek leiden vergt
óók (en vooral) van de begeleider dat hij
zichzelf filosofische vragen stelt - over zijn rol als
gespreksleider.
Om deze redenen is ons opleidingsprogramma ook niet tot in detail
vastgelegd. De weg die de cursisten individueel en als groep
afleggen laat zich immers niet voorspellen.
Elke tweedaagse bijeenkomst heeft natuurlijk een startpunt, en er
zijn globale doelstellingen. Maar de concrete invulling van het
programma gebeurt voortdurend aan de hand van wat zich in
voorgaande oefeningen en gesprek heeft voorgedaan. Op die
manier kunnen wij een doordachte en op maat gesneden opleiding
garanderen.
Programma
Uit wat hierboven is gezegd over 'het programma', volgt dat het
onderstaande niet gelezen moet worden als een tijdvolgordelijike
beschrijving van wat we in de opleiding doen. Wel is het zo, dat
de inhoudelijke elementen 'ergens' in de opleiding aan de orde
komen. Voor de doelstellingen geldt hetzelfde.
Voorbereidingsopdracht
Module 1
Module 2
Huiswerkopdrachten
Voorbereidingsopdracht
Na inschrijving ontvangt de cursist een map met daarin onder
andere literatuur en een voorbereidingsopdracht. Van de cursist
wordt verwacht dat die voor aanvang van het eerste blok wordt
gemaakt. Het gaat om een opdracht waarbij de cursist eigen vragen
ten aanzien van de socratische methode verbindt met literatuur
naar eigen keuze. Het doel hiervan is enerzijds om de cursist de
gelegenheid te geven om de eigen gedachten over de socratische
methode (verder) te ordenen en te expliciteren. Anderzijds
ontstaat er hierdoor onder de deelnemers een zekere
gemeenschappelijke bekendheid met de eigen aard van filosofische
vragen en problemen. Hierdoor is een zekere kwaliteit van de
reflectie op het gevoerde socratische gesprek gewaarborgd. Een
lijst met de literatuur die in de cursusmap zit, kunt u onderaan
deze pagina vinden.
Module 1: beoefenen van socratisch gesprek
In deze module, die ongeveer drie cursusdagen in beslag neemt,
voeren de cursisten een socratisch gesprek onder leiding van een
van de cursusbegeleiders. Het wordt regelmatig onderbroken door
sessies waarin we op het gevoerde gesprek reflecteren,
methodische vragen bespreken, relevante filosofische oefeningen
doen, enzovoort. Op deze manier werken we aan een continue
verdieping van de gesprekservaring. Het gesprek zelf zal ongeveer
twee dagdelen in beslag nemen. Reflectie en doorwerking nemen
zo'n vier dagdelen.
Onderdelen
- wat is filosoferen?
- filosofie, filosoferen, filosofische vragen
- socratisch gesprek over een vraag
- structureren van filosofisch onderzoek
- redeneringen reconstrueren
- standpunten en argumenten onderscheiden
- oefeningen in praktische filosofie
- bespreken van gelezen teksten
- schrijven van een verslag
Doelstellingen
- De deelnemer:
- is in staat om optimaal deel te nemen aan een gezamenlijk
socratisch onderzoek en kan op dat onderzoek reflecteren.
- kan complexe of verwarde gevoelens of gedachten van zichzelf
en anderen helder en nauwkeurig formuleren.
- ontdekt aspecten van zijn of haar eigen gesprekshouding;
(on)geduld, (on)mondigheid, luisterbereidheid, monologische
neigingen, impulsiviteit
- leert alternatieve interpretaties kennen van begrippen die
hiij of zij zelf hanteert
- verwerft inzicht in eigen gedachtengangen en leert eigen
gedachten en gevoelens te beoordelen en evalueren
- kan scherpzinnig observeren en fijngevoelig formuleren
- kan een oordeel opschorten om het te onderzoeken
- kan de complexiteit van de werkelijkheid aanvoelen,
doorgronden en in concrete termen verwoorden
- is gevoelig voor denken in vragen in plaats van denken in
antwoorden
- kan een 'maieutische' houding innemen t.o.v.
gesprekspartners
- vertrouwt in de eigen rede in plaats van op autoriteiten
- waardeert twijfel en ambivalentie als een voedingsbron van
nieuwe inzichten
- vormt zich een oordeel onafhankelijk van de begeleider en
andere deelnemers
- kan samenwerken en samendenken
- kan een dialoog voeren
Module 2, begeleiden van socratisch gesprek
In deze module leren de deelnemers werken met de 'standaard'-methodiek van het socratisch gesprek. Daarbij is veel aandacht voor de eigen aard van filosofisch onderzoek. Door voortdurend te oefenen en te reflecteren op die oefeningen, vinden de deelnemers hun eigen begeleidingsstijl.
Onderdelen
- methodevarianten en didactisch materiaal
- merfijning van de kunst van het vragen stellen.
- inzicht in het effect van vragen
- kennismaken met verschillende manieren van het vastleggen van
het voorbeeld op flip-over
- oefeningen om eigen begeleidingsstijl te vinden
- metagesprek voeren
- visieontwikkeling over de rol van de gespreksbegeleider in
een socratisch gesprek
- ontwikkelen van eigen varianten op het socratisch
gesprek
- reflectie op het filosofisch gehalte van het socratisch
gesprek en methodische vertaling hiervan
Doelstellingen
- Je bent in staat een socratisch gesprek te begeleiden volgens de 'standaardmethodiek'.
- Dat houdt in:
- Je kan je interventies als begeleider legitimeren aan de hand van de gangbare Nederlandstalige literatuur m.b.t. het
socratisch gesprek
- Je kan een groep begeleiden in het uitvoeren van een bepaalde taak
- Je bent in staat om je eigen oordelen over de inhoud van het gesprek op te schorten
- Je invloed of sturing is zodanig dat de deelnemers maximaal in staat worden gesteld zelfstandig te reflecteren
- Je kan de socratische 'koelbloedigheid' bewaren. De houding is die van een 'passionele afstand' of een beheerste
socratische ironie
- Je houdt visie op het geheel: Je kan de structuur en de tijd bewaken en je hebt kennis van de heuristiek
- Je belichaamt de regels die je hanteert voor de deelnemers
- Je kunt de interventies van de deelnemers inhoudelijk registreren en naar kwaliteit ordenen
- Je kunt de formuleringen van de deelnemers scherp helpen maken en ordenen naar kwaliteit
- Je kunt een kernbewering helpen vinden.
- Je kunt door vragen stellen het onderling begrip van de deelnemers bevorderen
- Je kan een metagesprek begeleiden
Literatuur
De cursusmap bevat de volgende literatuur. Het
is geordend van meer inleidend tot gespecialieerd.
- Rossem van, K.,Voortdurend begeren. Filosofie, filosoferen en
het socratisch gesprek, in Filosofie 11 (2001), nr.2, p.38
-39.
- Rossem van , K., achtergronden en beknopte historiek, in
Poppelmonde, W., Van Rossem, K., De Swaef, G., Fransoo, P.,
Filosoferen met jongeren, Kluwer, Diegem, 2001, p.17-44.
- Bolten, H., Van Rossem, K., De extractie van de waarheid,
over het socratisch gesprek, in Belgisch Tijdschrift voor
Tandheelkunde, jrg. 57/4, 2002, p.257-277.
- Bolten, H. en Van Rossem, K., Hoe leit dit kindeken? Anamnese
en diagnose in een socratisch gesprek in Belgisch Tijdschrift
voor Tandheelkunde, jrg. 57/4, 2002, p.278-292.
- Van der Leeuw, K., Socratic Dialogue and the Search for
Truth, Paper presented at the conference "Socratic Dialogue at
Work", Leusden, August 15, 1998
- Plato, Eutyphro, vert. H.Warren en M.Molegraaf, Bert Bakker,
Amsterdam, 1995
- Plato, Laches, vert. H. De Win, Amsterdam, (?)
- Bolten, H., De ontdekking van een goede gesprekshouding. Het
socratisch gesprek als morele ervaring, in Opleiders in
Organisaties/Capita Selecta, afl. 35, Deventer, Kluwer
Bedrijfswetenschappen, p.119-137.
- Nelson, L., De socratische methode, in De socratische
methode, inl. J.Kessels, Boom, Amsterdam, 1994, p. 70-113.
- Lessing, R., Is it possible to teach socratically?, in
Lipman, M. (eds), Thinking children and education, Montclair
State College, Montclair, 1993, p.444-456.
- Steens, R., Menselijke communicatie, Interactie Academie,
Antwerpen, 1998
- Watzlawick, P., Beavin, J.H., Jackson, D.D., De pragmatische
aspecten van de menselijke communicatie, Van Loghum, Deventer,
1978, p.167-206.
- Matthews, G., Socratic perplexity and the nature of
philosophy, Oxford, Oxford University Press, 1999, p.31-41.
- Scott, G.A., Plato's Socrates as educator, Univ. Of New York
Press, 2000, p.159-178.
- Lansink, C., Vrijheid en ironie. Kierkegaards ethiek van de
zelfwording, Peeters, Leuven, 1997, p.1-30.
- Van Eemeren, F., Grootendorst, R., Kritische discussie, Boom,
Amsterdam, 2000, p. 49-71.
- Van Eemeren, F., Grootendorst, R., Het analyseren en
beoordelen van een betoog, in Van Eemeren, F., Grootendorst, R.,
Studies over argumentatie, Boom, Amsterdam, 1997, p.235-264.
- Struyker Boudier, C., De metafysische betekenis van de vraag,
in Tijdschrift voor Filosofie, 41e jrg., nr.2, p.217-278.